20 mei 2015
De Paastijd sluit af met het hoogfeest van Pinksteren, maar daarmee houdt Pasen niet op! Het hele jaar door verkondigen, vieren en beleven wij de genade van Pasen: dat Christus als eerst is verrezen en dat wij Hem volgen. Dat verandert heel ons leven want het betekent dat niet langer de dood als een donkere wolk over ons geluk hangt, maar dat de hemel open is. Het nodigt ons ook uit om ons leven ernstig te nemen door de woorden van de verrezen Heer waarachtig op te nemen in ons leven en samenleven. De verrijzenis en het eeuwig leven geven een dynamiek aan ons leven hier en nu en die dynamiek wordt gekenmerkt door de liefde van God.
De leerlingen hebben dit ervaren op het eerste Pinksterfeest. Hun leven werd vervuld van de dynamiek van Gods liefde en zette hen op weg om te leven zoals Jezus. De Handelingen van de Apostelen die het leven van de jonge Kerk verhalen, laten dit duidelijk zien. Wat in het evangelie met en door Jezus gebeurde, gebeurt nu met en door de apostelen. Sedert die eerste gave van de Geest heeft God niet opgehouden om zijn leerlingen van alle tijden op te wekken om zo te leven en te getuigen van zijn liefde. De heilige Geest is dus beslissend om als paasmensen te kunnen leven.
Paulus drukt de gave van de Geest krachtig en herkenbaar uit: ‘Liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, trouw, zachtheid en ingetogenheid.’ (Galaten 5, 22). Hij stelt ze tegenover de gaven van de zelfzucht die hij al even krachtig en herkenbaar formuleert: ‘Ontucht, onreinheid en losbandigheid, afgoderij en toverij, haat, tweespalt, afgunst, driftbuien en intriges, ruzies, partijschappen en jaloersheden, drinkgelagen, uitspattingen en zo meer.’ Niemand wil deze dingen en toch gebeuren ze in en aan ons. Ze komen vanzelf in ons op en precies daarom zijn het uitingen van onze zelfzucht. De gaven van de Geest daarentegen komen van God. Hij schenkt ze ons als een uitnodiging, niet als een dwang. We kunnen dit geschenk dankbaar aanvaarden als een gave en een opgave tegelijk. God schenkt ze niet vrijblijvend, neen, ze veranderen ons. We worden door de Geest omgevormd tot echte paasmensen die Gods liefde die zij hebben ontvangen ook daadwerkelijk beleven. Ons vieren, verkondigen en dienen worden er waarachtiger door en ons kerk-zijn geloofwaardiger.
Dezelfde Paulus vat het samen: ‘Daar wij leven door de Geest, willen we ook leven volgens de Geest.’ Is dat zo?