9 maart 2016
Vooruit kijken
Soms heb ik de indruk dat we allemaal historici zijn, kenners van het verleden. Hoe ouder we worden, hoe groter de bekoring om onze energie te steken in het verleden. We leggen archieven aan, we verzamelen ons te pletter, we kunnen geen afstand doen van overbodigheden, we spreken alleen nog van het verleden. Alsof het heden de moeite niet is en de toekomst geen kans maakt. Dit krampachtig vasthouden aan wat voorbij is, is een echte bekoring omdat het ons blind maakt voor het nieuwe dat begint en dat alle kansen verdient.
Er zijn remedies! Gelukkig voor wie met kinderen en kleinkinderen omgaat. Zij hebben geen boodschap aan de zware last van het verleden, het boeit hen maar matig, ze geraken vlug verveeld en antwoorden dan: ‘Dat heb je nu al vier keer verteld!’. Wie openstaat voor de leefwereld van de kinderen en jongeren, voelt een stuwkracht, een dynamiek voorwaarts. De toekomst ligt open en ze kan niet vlug genoeg komen. Zo is het voor de jongeren en voor de ouderen die zich door hun enthousiasme en levenszin laten bekeren.
Een andere remedie is: nadenken met kritische zin terugblikken op het verleden, het niet verheerlijken alsof het toen allemaal koek en ei was en alsof we dan alleen maar geluk kenden. ‘Je moest me vroeger gekend hebben, toen kon ik alles!’, liegen we trotst en soms geloven we het zelf nog ook! Zoals de kleur of de foto’s vervaagt, zo vervaagt ook het verleden met zijn scherpe kanten, zijn fouten, met mijn eigen gebreken. Als we eerlijk terugblikken, kunnen we het verleden relativeren en dat is nodig opdat het een fundament zou zijn voor het heden en de toekomst. Pas dan wordt ons verleden de moeite waard als we leren uit onze fouten en dankbaar zijn voor wat goed was en altijd nog beter kan.
We kunnen ook geloven, dat is de meest radicale omgang met het verleden. Want we horen in de eerste lezing van de vijfde zondag in de veertigdagentijd: ‘Denk niet meer aan het verleden en sla geen acht op wat reeds lang voorbij is: Ik onderneem iets nieuw, het begin is er al: ziet ge het niet?’ Dat is God zelf die spreekt! Paulus heeft het begrepen en drukt het in de tweede lezing zo uit: ‘Nee, vrienden, ik beeld mij niet in er al te zijn. Alleen dit: ik vergeet wat achter me ligt, ik reik naar wat voor me ligt, ik storm af op het doel: de prijs van Gods heerlijke roeping’. Die roeping houdt precies in het Rijk Gods te verwachten en daar onze hoop op te stellen. God stuwt ons nog het meest van al vooruit opdat wij ons zouden overgeven, helemaal, aan het leven dat Hij met ons voorheeft en dat eeuwig is, eeuwig vooruit. Maar daarvoor moeten wij het verleden achterlaten, laten voor wat het is. In het verleden zit geen eeuwig leven, dat moeten we ontvangen van God, als Hij tenminste de kans krijgt.
De vrouw die in het evangelie niet veroordeeld wordt, niet door de omstanders met stenen gewapend die haar verleden kennen, afkeuren en de vrouw bekeuren; niet door Jezus die schijnbaar ongeïnteresseerd in het zand schrijft. Jezus is niet geïnteresseerd in het verleden van deze vrouw, des te meer in haar toekomst en Hij opent ze en zij geeft zich eraan over. Nieuw wordt haar leven, het lijkt in niets meer op het oude. Zij heeft haar oude, zondige leven achtergelaten en de toekomst wordt geopend en trekt haar aan. De oudsten dropen het eerst af, de bedenking van Jezus: ‘Laat degene onder u die zonder zonden is, het eerst een steen op haar werpen.’, klinkt het hardst in hun oren. Het brengt hun eigen verleden in herinnering. Helemaal niet zo fraai dat ze het recht hebben om iemand anders te veroordelen tot de dood.
Wie jong is kijkt op naar wie ouder is, luistert en ontvangt en het doet hem of haar groeien. Wie oud is, kijkt beter op naar wie jong zijn, ze hebben ons veel te leren, misschien nog het meest van al dat we het verleden niet zo veel rechten moeten geven ten koste van onze eigen toekomst. De jongste van al is Jezus, wie Hem ontmoet laat alles achter en ontvangt blijmoedig eeuwig leven.
Door Sylvain 04/10/26 (10 jaren geleden)
re: Vooruit kijken
We grijpen inderdaad te gemakkelijk terug naar het verleden. Er waren goede en misschien geen goede ervaringen maar laat ons zeker vertrouwen hebben in het huidige. Het is ook voor ons, ouderlingen (alhoewel ik dit woord voor mij zelf nog niet graag gebruik) misschien allemaal te vanzelfsprekend maar ik vind dat we zelf nog altijd het goede voorbeeld moeten geven en niet de gemakkelijkste weg van "kritiek" bewandelen.
Bij deze een echte DANK U WEL voor onze voorgangers. Dit zijn nog mensen waar we, op de dag van heden, moeten naar opkijken.