Een haastige Kersttijd

28 december 2016

Categorie: default - Reageer

Een haastige Kersttijd

Het gaat vlug dit jaar. Omdat Kerstmis op een zondag viel, volgen de feesten van de Kersttijd in een sneltempo. De octaafdag van Kerstmis: Feest van de Moeder Gods, Zondag 8 januari: Openbaring des Heren (Driekoningen) en de dag erna: Doopsel van Christus. Op dinsdag 10 januari begint al de ‘tijd door het jaar’.

Dit betekent echter niet dat de vreugde om de Menswording vluchtig beleefd wordt! We blijven er ons het hele jaar over verheugen en verwonderen. Daar hebben we geen kerststal of kerstboom voor nodig, wel elkaar. We mogen sedert Kerstmis ook in elkaar Gods menslievendheid zien en ervaren. We zijn immers geen toeristen bij het heilsgebeuren van God, maar medewerkers ervan. We delen in de roeping en de zending van de Mensenzoon sedert ons doopsel en we kunnen het sedert de gave van de heilige Geest met ons vormsel. Wie daar graag aan herinnertt wordt, kan best de kerststal laten staan in huis, zoals het kruisbeeld ook niet enkel op Goede Vrijdag, maar altijd een prominente plaats heeft in onze kamers!

Als de Wijzen terugkeren naar huis, is dat precies om wat ze gezien en ontvangen hebben in de stal van Betlehem, te delen met allen die zij ontmoeten. Hun zending begint in de stal, maar eindigt er niet. Zo begint ook bij ons met Kerstmis een opdracht die we het hele jaar door beleven en doorgeven in woord en in daad.

Christenen worden soms in de war gebracht door de opgeklopte en kunstmatige ‘kerstsfeer’ die heerst in de straten ruim voor Kerstmis en die plots erna wegvalt. Christenen beginnen waar de anderen de kerst opbergen. We hebben immers meer gezien en ervaren dan wat ijle liederen, de geur van hars en glühwein, de overdaad aan eten en drinken en het glinsterende papier van de geschenken! Dat alles is deugddoend op het moment zelf, maar vluchtig als parfum. Wij hebben Gods liefde in de volle maat voor ieder mens gezien en ontvangen in het Kind. We laten het niet los, Hij ons trouwens ook niet. Het hele jaar door neemt Hij ons bij de hand om te tonen in woord en in daad wat het betekent dat Gods menslievendheid is verschenen. Het Kind in de kribbe, staat op en spreekt en laat ons delen in het hart dat God voor ons heeft.

Kerstmis en de viering ervan in de liturgie is geen vrijblijvend sfeervol gebeuren dat past in de romantiek van de dag en dat een plaats krijgt – bij voorkeur om middernacht – tussen twee gangen van de maaltijd. Het is een ernstig feest waarin wij gedenken – en opnieuw ervaren – dat er voor Gods liefde geen plaats is in de herberg van toen en die van nu! Dat het geen feestneuzen zijn en ook geen vromen die eerst hulde komen brengen, maar herders, het uitschot van de maatschappij. Dat al vlug Maria en Jozef met het Kind moeten vluchten omdat de machthebber Herodes Gods licht niet verdraagt. Dat – zoals in het hele evangelie – plannen worden gesmeed om de Messias uit de weg te ruimen. Dat is allemaal de ernst van Kerst toen, maar ook van Kerst nu. Dit staat ver van de folklore waartoe Kerstmis op onze dagen wordt herleid. Daarin kunnen christenen zich echt niet herkennen!

 

Het is dus aan ons om het licht van Kerstmis niet te doven, maar het brandend te houden en hoog om aan alle mensen van goede wil vandaag te tonen wie wij zijn: kinderen van het licht! De drie Wijzen hebben het destijds gedaan, nu is het aan ons, haastig want we hebben maar de tijd van een mensenleven.

Reageer

velden gemarkeerd met een sterretje zijn verplicht.

wordt niet getoond