18 april 2018
Bezoek
In de paasweek was een vriend van mij op bezoek bij ons. Hij komt uit Puglia, het zuiden van Italië en is daar pastoor en geeft eveneens les aan het seminarie en andere opleidingen. We hebben samen gestudeerd in Rome en we konden dus naar hartenlust herinneringen ophalen, maar ook onze ervaring en kennis van de liturgie delen.
Wat doe je met een bezoeker? Je gaat op bezoek, in ons geval naar kerken. In Leuven, Antwerpen en uiteraard thuis in Scherpenheuvel. We hebben de kathedraal van Antwerpen bezocht in al haar schittering, maar ook kleinere kerken in hun schamelheid. Interessant is om te zien hoe dat bij de bezoeker overkomt. In tegenstelling tot wat ik had gedacht, was zijn verbazing nog groter dan ik kun vermoeden. Verbazing in de kathedraal van Antwerpen waar bezoekers zes euro moeten betalen om binnen te mogen en priesters gratis binnen mogen. Schandalig! Ik was verlegen tot in het diepst van mijn geloof! Eenmaal binnen, overweldigt de schoonheid van het ‘museum’ dat de kathedraal is geworden. Bidden kan haast niet, het is er geen minuut stil met de gidsen en de medewerkers van de kathedraal die roepend aanwezig zijn. De kunstwerken brengen ook weinig troost want je bent in een museum in plaats van in een kathedraal die hét verzamelpunt van een bisdom zou moeten zijn.
In de kleinere kerken was het niet veel beter. De toegang was er gratis, maar het leken wel verzamelplaatsen van rommel, bijeen gespaard van verschillende jaren met pastorale acties. De vaandels van het jubileumjaar 2000 hingen nog, ook het promotiemateriaal van drie edities van Broederlijk Delen. Alles in een verloederde toestand die evenals de museale toestand van de kathedraal alleen maar mistroostigheid oproept. Gen enkel getuigenis van een levendige gemeenschap die op diezelfde plaatsen samenkomt om het geloof te vieren, te verkondigen, te ontvangen om te kunnen dienen in Jezus’ naam!
Om dan nog van de liturgische vieringen zelf te zwijgen. Het viel mijn vriend op dat er bij ons – ook in de basiliek – zo veel ‘gezeten’ wordt tijdens de viering. Inderdaad, een typisch Vlaams fenomeen dat je nergens anders vindt. Al zittende vieren is een heel andere beleving van de vreugde die de liturgie oproept. Maar blijkbaar kan het hier ook wat passiever. Toch leerrijk dat iemand met de dezelfde liturgische vorming deze dingen scherp opmerkt en zich erover verwonderd.
Het geeft soms de indruk wanneer we bezoeken brachten aan verschillende kerken dat het ‘allemaal voorbij is’. Hele mooie, rijke getuigenissen uit het verleden, maar de te stiller als het gaat over het heden, laat staan de toekomst. Is het dan in Italië allemaal beter? Neen, dezelfde problemen van groeiende onverschilligheid, van afnemen van gelovigen en roepingen, worden ook daar ervaren. De oplossingen om ermee om te gaan zijn anders dan bij ons en het loont de moeite om ze te vernemen. Ook daar is het zoeken met vallen en opstaan hoe de geloofsgemeenschappen hun grootste schat kunnen ontdekken, bewaren en doorgeven. In een land als Italië, dat haast verdrinkt onder de monumentale kerken, kennen ze de uitdagingen ook. Betalen om binnen te gaan is er niet bij! Respectloos opstapelen van rommel, ook niet. Maar vooral is er een gemeenschap van alle leeftijden die samen de schat tonen die hun monumenten herbergen: de schat van het geloof!
We staan voor een enorme uitdaging om dit uit te dragen ook bij ons. Het zit niet in het verheffen van de zorg voor het monument dat dreigt tot een leeg museum te verworden. het zit ook niet in het laks omgaan met onze gebouwen alsof ze geen belang meer hebben. Als onze gebouwen de liefdevolle zorg van Christus en zijn evangelie en zijn kerk, niet meer uitstraalt, gaat de godslamp uit.