Ben ik een missionaris?

19 oktober 2016

Categorie: default - Reageer

Ben ik een missionaris?

Oktober is naast de rozenkransmaand ook de missiemaand. Traditioneel kijken we dan naar de missionarissen en naar de verre landen waar ze naartoe trekken. Terecht want ze geven uitdrukking aan de zending die Jezus heeft gegeven: ‘Gaat en maakt alle volken tot mijn leerlingen.’ Al zijn ze minder zichtbaar dan vroeger toen iedere parochie wel enkele missionarissen uit haar schoot zag komen, ze zijn er nog. Zuster Marleen Renders is zo iemand en we zijn er dankbaar voor. Dat kunnen we ook tonen door deel te nemen aan het missiefeest dat op 23 oktober in het onthaalcentrum De Pelgrim wordt georganiseerd.

Maar missie en ook de missiemaand betekenen nog meer. We worden allemaal opgeroepen deze maand om ‘vissers van mensen te worden’. Immers, bij ons doopsel zijn wij leerlingen van Jezus geworden en hebben wij de zending ontvangen om in zijn naam allen tot zijn leerlingen te maken. We zijn dat een beetje vergeten. Misschien wel omdat er vroeger vele missionarissen waren en we die zending dan maar aan de ‘specialisten’ hebben overgelaten. Zoals we in die tijd van religieuze en gewijde weelde zoveel hebben uitbesteed aan ‘specialisten’. De priester ‘doet’ de ‘mis’, terwijl wij allen samen de eucharistie vieren; de religieuzen bidden het brevier, terwijl wij allemaal de tijd heiligen in het gebed; de Vincentianen of andere organisaties zorgen voor de armen, terwijl wij door Jezus allemaal uitgenodigd worden om aandacht en zorg te hebben voor de armen; de zusters of ziekenzorgwerkers zorgen voor de zieken, terwijl wij allemaal geroepen zijn om de zieken te verzorgen… We hebben de werken van barmhartigheid die onze evangelische zending uitdrukken overgelaten aan ‘specialisten’. We hebben hen ook gesteund, maar stilaan vergaten we dat het ook behoort tot onze eigen zending, missie.

Vanuit ons doopsel en vormsel en telkens gezonden vanuit de eucharistieviering, is het onze gemeenschappelijke missie om wat we ontvangen hebben en gevierd ook te delen met allen. Wij zijn vanuit onze christelijke identiteit allemaal geroepen om missionaris te zijn. En we zijn het ook, alleen denken we er te weinig aan.

De ouders die hun kinderen laten dopen en verder begeleiden in hun groei, niet enkel tot volwassenheid, maar ook tot christelijke volwassenheid. Het zijn missionarissen die weliswaar ‘thuiswerken’, maar evengoed hun zending als gedoopten opnemen. De grootouders die getuigen van hun geloof in kleine en grote woorden en gebaren en die zo hun kleinkinderen laten delen in wat in hun hart staat gegrift. Het zijn missionarissen die weliswaar niet ver wegtrekken, maar heel dichtbij hun zending als gedoopten gestalte geven. De leerkracht die niet enkel aandacht heeft voor cijfers en letters die in de hoofden van de leerlingen een plaats moeten krijgen, maar die eenvoudig en krachtig getuigt van zijn of haar geloof. Het is een missionaris die weliswaar in de beslotenheid van een klaslokaal of een schoolgebouw werkt, maar evenzeer de toevertrouwde harten opent voor geloof, hoop en liefde en zo uitdrukking geeft van de eigen zending. De catechist die op weg gaat met de jongeren en onderweg hen laat delen in zijn of haar zoekend en vindend geloof. Het is een missionaris die weliswaar gedurende een kortere tijd de jongeren begeleidt, maar juist daarin een missionaris is die geloofwaardig getuigenis geeft van zijn of haar doopsel. Het kind of de jongere die niet meeloopt in het laffe verhaal van pesten, maar opkomt voor zijn of haar maten. Het zijn missionarissen die doen wat Jezus heeft gedaan. De lector die voorleest in de liturgie en zo zijn of haar stem geeft aan de woorden van leven. Het is een missionaris die sterker dan een geluidinstallatie Gods woord laat klinken, het verkondigt. En zo kunnen we nog een tijdje doorgaan.

We zijn dus allemaal missionarissen door ons doopsel daartoe begenadigd, geroepen en gezonden. Als we ons daarvan wat meer bewust zouden worden, zou het ons eigen geloof aanvuren en dat van anderen. We zouden wat meer uit ons schulp komen waar we ons al te vaak veilig in terugtrekken. ‘Wees niet beschaamd om het evangelie te verkondigen’, zegt de apostel Paulus. We hebben er inderdaad geen reden toe want het is een blijde boodschap voor iedereen, niet alleen voor de armen in de verre landen, ook voor arm en rijk dichtbij. ‘Wees niet bang’, zegt Jezus aan zijn leerlingen, aan ons. Misschien toch eens over nadenken hoe schuchter we zijn geworden als het over onze zalige roeping gaat om missionaris te zijn. Hoe minder we kunnen wijzen naar de ‘specialisten’, hoe sterker de pijl naar onszelf wijst. Hij wijst dan in de goede richting

Reageer

velden gemarkeerd met een sterretje zijn verplicht.

wordt niet getoond